Vruchtenduifprofiel

Wallace' jufferduif (Ptilinopus wallacii)

Wallace' jufferduif (Ptilinopus wallacii)

Soort in één oogopslag

Wallace' jufferduif (Ptilinopus wallacii) is een middelgrote, kleurrijk getekende eilandduif met een rode kruin, wit gezicht en witte keel, blauwgrijze borst en oranje buik. De soort leeft op eilanden van de zuidelijke Molukken, de Aru-eilanden en in zuidwestelijk Nieuw-Guinea. Zij is niet meer vertegenwoordigd binnen het Europese Vruchtduivenproject.

Verspreiding
Zuidelijke Molukken en oostelijke Kleine Soenda-eilanden, waaronder Tanimbar, Kei en Aru, en zuidwestelijk Nieuw-Guinea.
Grootte / kenmerken
ca. 24–28 cm | karmijnrode kruin, wit gezicht en witte keel, blauwgrijze borst, witte dwarsband en oranje buik | vrouwtje meestal met minder rood en iets groenere grijze delen
Status
Niet meer vertegenwoordigd in het projectbestand

Beschrijving

Wallace' jufferduif behoort tot de sterkst contrasterend getekende Ptilinopus-soorten. Voorhoofd en kruin zijn dof karmijnrood, gezicht en keel wit en hals en borst blauwgrijs. Een witte band scheidt de borst van de oranje buik; vleugels en rug zijn groen. Mannetjes en vrouwtjes lijken op elkaar, maar het vrouwtje heeft meestal minder rood op de kop en groener grijze delen. De soort is monotypisch. Het projectbestand is verdwenen; volgens de beschikbare gegevens stierf het laatste bekende Europese exemplaar.

Profiel & korte gegevens van Wallace' jufferduif

Nederlandse naamWallace' jufferduif
Duitse naamWeißkehl-Fruchttaube
Wetenschappelijke naamPtilinopus wallacii
GeslachtPtilinopus
CategoriePtilinopus - jufferduiven
VerspreidingZuidelijke Molukken en oostelijke Kleine Soenda-eilanden, waaronder Tanimbar, Kei en Aru, en zuidwestelijk Nieuw-Guinea.
OndersoortenMonotypisch; momenteel worden geen ondersoorten algemeen erkend.
Grootte / kenmerkenca. 24–28 cm | karmijnrode kruin, wit gezicht en witte keel, blauwgrijze borst, witte dwarsband en oranje buik | vrouwtje meestal met minder rood en iets groenere grijze delen
StatusNiet meer vertegenwoordigd in het projectbestand

Leefgebied en natuurlijk verspreidingsgebied

Tropisch vochtig laagland- en heuvellandbos, moerasbos, bosranden en ouder secundair bos.

Voeding binnen het Europese Vruchtduivenproject

De soort eet hoofdzakelijk kleine tot middelgrote vruchten en bessen die in de boomkroon worden opgenomen. In menselijke zorg moet een gevarieerd vruchtenrantsoen worden gecombineerd met uitgebalanceerd aanvullend voer voor frugivore duiven. Omdat er geen projectdieren meer zijn, ontbreken actuele projectspecifieke langetermijngegevens.

Houderij binnen het Europese Vruchtduivenproject

Deze actieve en verstoringsgevoelige soort heeft een ruime, dicht gestructureerde en permanent vorstvrije volière nodig met vrije vliegroutes, fijne en stevige zitstokken en beschermde terugtrekmogelijkheden. Rustige verzorging en meerdere voerplaatsen zijn belangrijk. Uitspraken over samenhuisvesting moeten op betrouwbare observaties berusten.

Kweek en nakweek

Bij een toekomstige huisvesting moeten goed beschutte, hoog geplaatste nestplaatsen met fijn tot stevig takmateriaal worden aangeboden. Omdat het Europese projectbestand is verdwenen, ontbreken recente projectgegevens over paarvorming, broedverloop en ontwikkeling van jongen.

Ondersoorten en systematiek

Monotypisch; momenteel worden geen ondersoorten algemeen erkend.

Bijzonderheden over de soort

De combinatie van rode kruin, witte keel, blauwgrijze borst, witte band en oranje buik is vrijwel onmiskenbaar.

Beschermingsstatus

IUCNNiet bedreigd
CITESNiet vermeld
EU-soortenbeschermingNiet vermeld
Ringmaat7,0 mm

Aanvullende bronnen

Beeldverantwoording

Weißkehl-Fruchttaube (© Valentin Castiñeira)

Nach oben scrollen